Let op uw geld !
De eurocrisis dwingt ons na te denken over de vraag: hoe kunnen we liquide vermogen veilig beleggen ?
De huidige situatie binnen de Europese unie laat zich als volgt beschrijven. Een aantal belangrijke landen kampt met (te) hoge schulden. Doordat de politiek binnen die landen tot op heden niet in staat blijkt hier verandering in aan te brengen, ontstaat er onrust op de financiële markten. Deze onrust wordt versterkt doordat een aantal ratingbureaus voortdurend negatieve signalen afgeeft over de kredietwaardigheid van landen. De Europese commissie doet verwoede pogingen om deze onrust te bedwingen. Tot op heden is men daar niet in geslaagd. Voornaamste reden hiervan is dat er binnen de Europese unie tegengesteld belangen bestaan. Enerzijds is er het belang van de financieel zwakke landen om geholpen te worden met financiële steun. Daartegenover staat het belang van de sterkere landen, die deze steun moeten financieren. De sterkere landen verschillen van inzicht over de manier waarop deze steun moet plaatsvinden. Een en ander heeft tot gevolg dat er op Europees regeringsniveau veel wordt gepraat, maar weinig concreet wordt bereikt.
De Europese centrale bank doet binnen haar bevoegdheden zoveel mogelijk om de eurocrisis te bezweren. Zij is echter gehouden aan spelregels, die uitsluitend door de politiek kunnen worden gewijzigd. Zolang dit niet gebeurd, is de Europese centrale bank beperkt in haar mogelijkheden.
Het is de vraag hoe lang deze onzekere situatie kan voortduren voordat er een financieel debacle ontstaat. De kans op een debacle is aanzienlijk. Voorbeeld: Als Griekenland failliet gaat, zullen banken, pensioenfondsen en andere beleggers fors moeten afwaarderen op hun Griekse beleggingen. Daardoor zal een deel van deze banken en fondsen niet langer voldoen aan de minimum solvabiliteitseisen. Hun vermogen zal dan moeten worden aangezuiverd. Dat zal de staat moeten doen. Het gevolg daarvan is dat de staatsschuld weer verder oploopt, wat de kredietwaardigheid van die staat negatief beïnvloedt. Voor landen waarvan de kredietwaardigheid nu al ter discussie staat, kan dat de druppel zijn waardoor zij niet meer kredietwaardig worden geacht. Daardoor kunnen zijn geen geld meer lenen op de kapitaalmarkt, dan wel tegen een extreem hoge rente. De kans dat een dergelijk land in die situatie ook failliet gaat is aanzienlijk. Als dat gebeurt, ontstaat weer een cyclus zoals hiervoor beschreven is. Er is dus een groot risico op een domino effect als er een land in de eurozone failliet gaat.
Banken zijn voortdurend bezig om elkaars kredietwaardigheidrisico’s in te schatten. Omdat men van elkaar niet exact weet welk deel van de uitgeleende gelden bloot staat aan de genoemde risico’s is men uiterst terughoudend om elkaar geld te lenen. Het gevolg is dat de geldmarkt op slot kan gaan, wat funest is voor het bedrijfsleven. Onlangs was dit effect zo groot, dat de Europese centrale bank ca. 480 miljard voor drie jaren tegen een zeer lage rente aanbood aan alle commerciële banken in Europa. Om daarmee de geldmarkt weer vlot te trekken.
Als een dergelijk debacle zich voordoet, is het de vraag wat het effect is op de euro. De kans dat de euro in dat geval ophoudt te bestaan is aanzienlijk. Wat daarvoor in de plaats kan komen is niet bekend. Als deze situatie optreedt, dient er een omwisseling plaats te vinden van de euro in diens opvolger. Duidelijk is dat deze omwisseling een verlies met zich brengt.
Op grond van het voorgaande kan geconcludeerd worden dat een contante belegging in euro’s (bijv. op een spaarrekening) of een belegging in staatobligaties van eurolanden een aanzienlijk risico op waardedaling inhoudt.
Het is aan te bevelen om, in overleg met uw bank, dergelijke eurogelden om te zetten naar andere valuta’s. Men kan dan denken aan de Canadese dollar en de Australische dollar. Een aantal grote pensioenfondsen ging u al voor.
23 december 2011, Drs G.J.J.L. Eenkhoorn
Meer informatie? Neem geheel vrijblijvend contact met ons op.



